opgave 'Kosmisch juweel'
Jaap stelde deze vraag op 22 juni 2026 om 00:17.De opgave 'Kosmisch juweel' van redactie Exaktueel geeft aanleiding tot de volgende kanttekeningen.
https://www.natuurkunde.nl/opdrachten/3995/kosmisch-juweel
1. De hoofdtekst begint met 'Op 26 oktober 2026 stond er op Scientias.nl ...'
Dat is opmerkelijk, want de opgave is eerder dan 26.10.2026 verschenen.
Boven het Scientias-artikel staat 26 oktober 2025.
2. Onder de kop 'Cepheïden' staat: 'In bovenstaande quote wordt met intrinsieke en werkelijke helderheid de lichtkracht van de ster bedoelt.'
Hoe zat het ook alweer met 't kofschip?
3. In het antwoord op vraag b staat: 'De lichtkracht is dus maximaal als de temperatuur zo groot mogelijk is, én de oppervlakte (en dus de straal) zo groot mogelijk is'.
Zo wordt de indruk gewekt dat bij dit type Cepheïde op enig moment de lichtkracht maximaal is en tegelijkertijd de grootte van het steroppervlak maximaal is. Zo'n moment doet zich bij dit type Cepheïde niet voor.
De processen waardoor de lichtkracht van zo'n Cepheïde varieert, worden in grote lijn goed begrepen. Zie bij voorbeeld Carroll & Ostlie, An Introduction to Modern Astrophysics, hoofdstuk Stellar Pulsations of pagina 4 van
https://astroweb.case.edu/bjanesh/astr222/mar16.pdf
De lichtkracht van dit type Cepheïde is maximaal als de effectieve temperatuur maximaal is en kort nadat de straal en het steroppervlak minimaal zijn.
4. Juist omdat de lichtkracht van een Cepheïde varieert, is het kort door de bocht om onder vraag c te zeggen 'Dat ontdekte Henrietta Leavitt in 1908, Het werd hierdoor mogelijk om uit de pulsfrequentie de lichtkracht van een Cepheïde te bepalen.'
Bedoelt men de gemiddelde lichtkracht van de Cepheïde?
5. Volgens het antwoord op vraag e is de berekende afstand tot de bewuste Cepheïde $9,3\cdot10^6\,\text{lichtjaar}$ en komt dit 'aardig overeen met de 90 miljoen lichtjaar die genoemd is in het artikel.'
Komt $9,3\cdot10^6$ volgens Stichting Exaktueel aardig overeen met 90 miljoen?
6. Aan het eind van de paragraaf Cepheïden staat: 'Uit één meting aan een Cepheïde kan de afstand tot een sterrenstelsel bepaald worden!'
Volgens figuur 3 is toch ongeveer een dozijn metingen nodig.
7. Onder vraag f staat: 'Om de absolute lichtkracht van zo’n supernova type 1 te kunnen bepalen...'
Sterrenkundigen spreken van 'Type Ia' met een hoofdletter T en een 'romeinse I'.
En de kleine lettter a. Er zijn immers ook supernovae Type Ib en Ic, waarbij het centrum van een zware ster ineenstort. Dit is een ander verschijnsel dan Type Ia, waarbij een witte dwerg ontploft.
8. In het antwoord op vraag g staat: 'In opdracht (d) hebben we aan de hand van het waargenomen licht de afstand tot de Cepheïde uitgerekend.'
Bij vraag d is niet de de afstand tot de Cepheïde berekend. Wel bij vraag e.
Wil de moderator deze kanttekeningen alstublieft doorgeven aan redactie Exaktueel?
Groet, Jaap