Nauwkeurigheid bij het bepalen van de trillingstijd

Sem stelde deze vraag op 05 augustus 2026 om 21:14.

Ik wil de frequentie bepalen van de onderstaande trilling. 

Dan probeer ik zo veel mogelijk trillingen af te lezen. 

Helemaal rechts, bij t = 48 s, zie ik de trilling omlaag door de evenwichtsstand gaan. 

Ik zie de trilling voor het eerst omlaag door de evenwichtsstand gaan bij t = 10,8 s. 

Hiermee bepaal ik de tijdsduur van 25 trillingen en vervolgens van één trilling.

Ik ben er zeker van dat t = 48 s een tijdstip is waar de trilling omlaag door de evenwichtsstand gaat, maar vanwege onnauwkeurigheid kan ik niet met zekerkeid zeggen dat de trilling dat ook doet op t = 10,8 s. 

Mag ik in mijn uitwerking dan alsnog t = 10,8 s gebruiken (en dus 48 - 10,8 = 37,2), of moet ik er rekening mee houden dat ik kan aflezen in maximaal twee significantie cijfers en is het dus niet toegestaan om een tijdstip in drie significante cijfers op te schrijven?

Reacties

Jaap op 05 augustus 2026 om 21:47

Dag Sem,
Ja, je mag $10,8\,\text{s}$ gebruiken of misschien eerder $10,7\,\text{s}$. Dit is niet volstrekt zeker, maar de decimaal schatten, noteren en ermee verder rekenen wordt wel van je verwacht.
Er is geen regel dat je zoiets kunt aflezen in maximaal twee significantie cijfers.
Hoe nauwkeurig je zo'n tijdstip kunt aflezen, hangt af van het diagram en de overige informatie. Let in er je uitwerking op dat je de vuistregels voor de notatie goed toepast.

Het tijdstip waarop $\alpha$ voor het eerst negatief wordt in dit diagram, kun je met 1 decimaal aflezen; ik zou zeggen $10,7\,\text{s}$.
Onvoldoende nauwkeurig zou in dit geval zijn $10\,\text{s}$ of $11\,\text{s}$.

Is het tijdstip waarop $\alpha$ voor het laatst negatief wordt, volgens jou juist 48 s, noteer dan
De tussenliggende tijd noteer je als  .
Bij optellen en aftrekken geldt immers de vuistregel 'kleinste aantal decimalen wint' en niet 'kleinste aantal significante cijfers wint'.
Als je voor het tweede tijdstip zou noteren $48\,\text{s}$, zou je moeten vervolgen met $48-10,7=37\,\text{s}$.
Beoordeeld wordt dit in het centraal examen alleen als er iets over nauwkeurigheid of significante cijfers in de vraag staat.
Groet, Jaap

Plaats een reactie

+ Bijlage

Bevestig dat je geen robot bent door de volgende vraag te beantwoorden.

Clara heeft zeven appels. Ze eet er eentje op. Hoeveel appels heeft Clara nu over?

Antwoord: (vul een getal in)