golfsnelheid bepalen met meetgegevens

Karel stelde deze vraag op 24 februari 2015 om 14:20.

ik moet voor een praktische opdracht van natuurkunde de golfsnelheid in het water bepalen. De opstelling is een bak met water met een waterdiepte van 4 mm met in die bak een dubbeltriller met als A en B als de bronnen van twee golven. De meetgegevens die we hebben zijn dus de waterdiepte, de afstand tussen A en B en de afstand tussen A en punt P (dat op de 2e knooplijn ligt) en de afstand tussen B en dit punt P. 
Nou is het de bedoeling dat ik met deze meetgegevens de golfsnelheid in water kan bepalen, maar ik kom hier niet uit. Kan iemand dit mij uitleggen?? 

Reacties

Karel op 24 februari 2015 om 16:03
Inmiddels is het me wel gelukt de golflengte te berekenen, nu moet ik dus alleen nog de frequentie om de snelheid te kunnen berekenen, helaas snap ik niet helemaal hoe je de frequentie berekent?? 
Theo de Klerk op 24 februari 2015 om 16:12
Een frequentie is een "hoe vaak" vraag. Bij natuurkunde meestal beperkt tot "hoe vaak komt iets in 1 seconde langs". Voor golven is het dus hoeveel golven passeren een bepaald punt in 1 seconde. Als de frequentie 2 (Hz) is dan komen er 2 golftoppen langs een punt in 1 seconde. Als f = 1,5 Hz dan komen 3 golven voorbij in 2 seconden.
Jan van de Velde op 24 februari 2015 om 16:13
dag Karel,

ik zie zo 123 niet hoe je alleen uit een driehoekje ABP een frequentie zou kunnen berekenen. Is die frequentie niet gewoon gegeven? 
Kun je dat driehoekje hier eens in een bijlage toevoegen, een foto met aanduidingen A, B en P, of desnoods een schetsje ongeveer op schaal? Misschien dat er me dan een licht op gaat. 

Groet, Jan
Karel op 24 februari 2015 om 18:21

Hallo Jan,

Ik ben er inmiddels achter; de frequentie was inderdaad gewoon gegeven; hij stond op de toongenerator en stom genoeg had ik hier helemaal over heen gekeken, dus ik denk dat het uitrekenen van frequentie via zon driekhoek ook gewoon niet kan. Toch bedankt voor je hulp (dat geldt natuurlijk ook voor Theo)

Groet, Karel

Jan van de Velde op 24 februari 2015 om 19:23
OK, dan is het nu maar een kwestie van v=λ·f

Plaats een reactie

+ Bijlage

Bevestig dat je geen robot bent door de volgende vraag te beantwoorden.

Noortje heeft zeventien appels. Ze eet er eentje op. Hoeveel appels heeft Noortje nu over?

Antwoord: (vul een getal in)